CRvB stelt voorwaarden aan beleid huishoudelijke hulp

In een drietal rechtszaken, gaf de Centrale Raad van Beroep (CRvB) vandaag duidelijkheid over hoe gemeenten met de huishoudelijke hulp om zouden moeten gaan. Samengevat stelt zij dat eenvoudige huishoudelijke hulp als ‘algemene voorziening’ mag worden aangemerkt, maar dat hierbij wel een aantal voorwaarden geldt. Harlinger Belang vraagt zich af of de regeling, zoals de gemeente Harlingen die hanteert, wel aan deze voorwaarden voldoet. Voor de komende raadsvergadering heeft de raadsfractie dan ook vragen ingediend.

Met ingang van 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de WMO, waaronder de huishoudelijke hulp. Waar in het verleden nog sprake was van één regeling, hanteren gemeenten nu eigen en onderling van elkaar verschillende regelingen. Bij diverse bezwaarprocedures werden door rechters uitspraken gedaan, die haaks op elkaar stonden.

Begin dit jaar heeft Harlinger Belang het college al bevraagd, of de regeling zoals Harlingen die hanteert, wel houdbaar is. Het college was toen van mening dat dit het geval was. Voornaamste argument daarbij was, dat met het zogenaamde ‘keukentafelgesprek’ de hulpvraag per persoon in kaart wordt gebracht. Van het categoriaal uitsluiten van huishoudelijke hulp was geen sprake.

De CrvB stelt echter aanvullend, dat wanneer een gemeente de huishoudelijke hulp als algemene voorziening aanmerkt, de gemeente afspraken met zorgaanbieders moet maken. Bovendien staat de WMO niet toe dat inwoners zelf de huishoudelijke hulp moeten regelen en betalen. Met name op dit punt wil Harlinger Belang nogmaals van het college weten of de gemeente Harlingen aan deze voorwaarden voldoet.